06
apr

Zwemles

Afgelopen zaterdag is Ona voor het eerst naar de zwemles gegaan. Dat is niet zonder slag of stoot gegaan. Afgelopen zomer kon je Ona op geen enkele manier in het water krijgen. Pootje baden of rondhangen in de buurt van de trap van het zwembad, was het verste dat ze wou gaan. Als rechtgeaarde ouders gaven we onszelf de schuld. Toen ze nog maar drie maanden oud was, begonnen we met haar naar zwemklasjes te gaan voor baby’s, dat soort toestanden waarbij ze baby’s in het water laten vallen en onderspatten. Maar na een paar keer was de nieuwigheid er wat van af, en begon onze regelmaat te haperen. Om half 11 in het zwembad zijn op zaterdagochtend, is stresserend. Om een lang verhaal kort te maken: we hadden het laten afweten en onze dochters zwemcarrière laten slabakken.

Een paar maand geleden besloot ik wekelijks met Ona naar het zwembad te gaan en zo twee vliegen in één klap te slaan: quality time doorbrengen met mijn door jaloezie geplaagde dochter, en de watervrees overwinnen tegen de zomer. De eerste keren stelden mijn geduld op de proef. We werden omringd door horden kleinere  kinderen die roekeloos het water in sprongen, kopje onder gingen en van de ene kant van het zwembad naar de andere trappelden, maar Ona zat huilend op de kant. Als ik haar het water in probeerde te trekken (spelend, hm) begon ze zó hard te brullen dat alle ogen zich op ons richtten. Zoiets werkt op een moeders eergevoel. Waarop ik probeerde te bewijzen dat mijn dochter geen verwende schrikscheet was. Nefast. Krijsend kind. Dreigementen sissende moeder. Quality time kreeg zo een heel nieuwe invulling.

Maar toen we allebei over de teleurstelling* heen waren, ging het ineens veel beter. Ze hing niet langer een uur lang krampachtig vastgeklemd aan mijn zwempak. Ze sprong zowaar in het water en wou zelfs geen hulp meer. Tijd om naar de zwemles te gaan, vond ik. Zonder mama deze keer, met kinderen en een monitor die ze niet kende.

En toen stond ik daar, achter het dikke glas van de cafetaria, te kijken naar mijn brullende dochter. Ik had haar weer eens voor de leeuwen gegooid. Trappelend, spartelend, zich verslikkend in het water dat ze binnenhapte. MAMA! IK WIL NIET! IK WIL NIET! IK WIL MIJN MAMA!! Rond mij commentaren van andere ouders. Na een kwartier protesteerde mijn combatieve dochter al wat minder, maar haar schokkende schoudertjes stelden mij zwaar op de proef. Ik kon niet wachten tot die stomme zwemles voorbij was en ik haar in de kleedkamers kon gaan afhalen. Met kusjes, knuffels, felicitaties en een lolly.

Onnozele combinatie: een trotse moeder met schuldgevoelens.

*Ona had ontdekt dat onze quality time een dekmantel was voor wat mama echt wilde: dat zij zwom. Mama moest verteren dat Ona niet bereid was flink te zijn om mama’s eergevoel te herstellen.

De commentaren zijn gesloten.